Geschiedenisvan het DTM kampioenschap

1990 : Revolution

In het begin van de jaren 90 verschafte de zogenaamde “Groep A” nog steeds de basis voor de DTM. Op internationaal niveau werden de op productiemodellen gebaseerde toerwagens ingedeeld in verschillende categorieën volgens cilinderinhoud. In de DTM daarentegen werd een “klasseloze maatschappij” mogelijk gemaakt d.m.v. een aantal handicapregels. Audi maakte zijn DTM-debuut in 1990 en koos de V8, de voorganger van de huidige A8, als racewagen. De grote vierdeurs berline verschafte geen optimale basis voor de rensport en oogde langs buiten bijna als een productieversie. Dankzij zijn combinatie van een permanente vierwielaandrijving en een 3,6-liter V8-krachtbron was de Audi V8 quattro echter van meet af aan de te kloppen wagen. Hans-Joachim Stuck pakte de eerste DTM-titel voor Audi.

Revolution 1990

1991 : Evolution

Het geslaagde debuut van de Audi V8 quattro had zo zijn gevolgen. Voor het seizoen 1991 werd aan de rivaliserende wagens met conventionele aandrijvingen een gewichtsvermindering van 60-kilogram toegestaan als compensatie voor het tractievoordeel van de quattro-aandrijving. Het gewichtsverschil bedroeg niet minder dan 210 (!) kilogram. Bij Audi Sport werd een evolutieversie van de V8 quattro ontwikkeld voor 1991. Die evolutie van de Audi V8 quattro was de enige wagen met stuurbekrachtiging. Resultaat: tien overwinningen en de kampioenstitel voor nieuwkomer Frank Biela. Dat maakte van Audi de eerste constructeur in de geschiedenis van de DTM om de titel met succes te verdedigen. Midden 1992 keerde Audi de DTM de rug toe omdat er beperkingen werden opgelegd aan de V8 quattro en de interpretatie van de regels aanleiding gaf tot controverse.

Evolution 1991

2002 : David vs. Goliath

Terwijl Audi zich vanaf 1999 aanvankelijk concentreerde op de sportprototypes en het 24 uren van Le Mans 24-team nam ABT Sportsline het risico in zijn eentje deel te nemen aan de gereactiveerde DTM in 2000. Tijdens het eerste seizoen betaalde het privéteam een hoge prijs met de compacte TT-R. Maar met een uitgerekte XXL-versie, een verder naar achter verplaatste achtervleugel en een topklasse chassis leerde de TT-R races te winnen in 2001. Vervolgens, in 2002, sloeg het ABT-team een grote slag met een nieuwe V8-motor. Laurent Aiello won de eerste vier races van het seizoen tegen de fabrieksteams van Mercedes-Benz en Opel en sleepte uiteindelijk ook de kampioenstitel in de wacht. Vervolgens was de ABT-Audi TT-R hetzelfde lot beschoren als de V8 quattro, in die zin dat zijn vermogens voor het seizoen 2003 werden ingeperkt ingevolge de wedstrijdregels.

David vs. Goliath 2002

2004 : Comeback

Audi besloot terug te keren naar DTM met een fabrieksteam. Voor het seizoen 2004 ontwikkelde Audi de A4 DTM waarmee het al vóór de eerste race opzien baarde. De A4 DTM had een gesofisticeerd aero-pakket met tal van extra vleugels op de achterkant. Dat betekende dat Audi opnieuw een trend zette die vervolgens werd gekopieerd door de concurrentie. Met zijn doelbewust gewijzigde aerodynamische eigenschappen voor meer downforce, was de A4 DTM op bochtige circuits een klasse apart tijdens het seizoen 2004. In de race van Brno sleepte Mattias Ekström de kampioenstitel vroegtijdig in de wacht. Tijdens de Hockenheim-finale greep Audi ook de titels voor constructeurs en teams. Twaalf jaar na zijn vertrek uit de DTM maakte Audi dus een perfecte comeback.

Comeback 2004

2007 : Pole-Setter

Het seizoen 2007 ging de DTM-geschiedenis in als een van de meest turbulente en zware seizoenen ooit. Pas in de laatste van de tien races viel de beslissing in het voordeel van Mattias Ekström in de Audi A4 DTM. Bovendien won het Audi Sport Team Abt Sportsline het teamkampioenschap. Om een kans te maken tegen de nieuwe Mercedes-Benz C-klasse, werd de toen gangbare A4 DTM opnieuw aangepast in tal van details voor zijn laatste seizoen vóór de omschakeling naar het nieuwe A4-model. Vanaf de eerste race was de Audi de te kloppen wagen. De prestatie tijdens de tweede helft van het seizoen was ronduit indrukwekkend. In alle vijf de races startte een A4 DTM vanuit poleposition.

Pole-Setter 2007

2008 : Computer games

De vierdegeneratie-Audi A4 DTM kwam, zag en overwon. De wagen was uitgerust met baanbrekende technologie en een heleboel innovatieve details, vooral op het vlak van aerodynamica Bovendien slaagden de technici van Audi Sport er in het zwaartepunt van de wagen te verlagen en zijn drooggewicht nog meer te reduceren. In acht van de elf races startte een Audi-piloot vanuit de eerste stelling. Audi vierde zes overwinningen. Timo Scheider, die het klassement aanvoerde vanaf de tweede race en die plaats niet meer zou prijsgeven, ontpopte zich als de “man van het jaar.”

Computer games 2008

2009 : Title-hat-trick

Tijdens het seizoen van 2009, niet toevallig het jaar van zijn 100e verjaardag, schreef Audi opnieuw geschiedenis.. Het merk met de vier ringen was de eerste autoconstructeur ooit om een "hat-trick" te realiseren in de DTM. Na 2007 en 2008 pakte Audi de begeerde trofee voor de derde opeenvolgende keer. En net als het jaar ervoor sloot Timo Scheider het spannende seizoen af met de kampioenstitel. Een heleboel details van de zegevierende wagen van het jaar voordien werden gewijzigd. Timo Scheider behaalde in het totaal drie overwinningen op zijn weg naar een volgende kampioenstitel. Om kosten te besparen, werd een ontwikkelingsmoratorium opgelegd en werd de technologie van de DTM-wagens bevroren. Dat stelde Audi Sport in staat zich vanaf de winter van 2009/2010 te concentreren op de ontwikkeling van de nieuwe A5 DTM.

Title Hat-trick 2009

2011 : Year-old car

In zeven van de tien races van de DTM 2011 ging een Audi-piloot als winnaar over de streep – een indrukwekkend hoogtepunt in het bestaan van de Audi A4 DTM. Halfweg het seizoen wierp Martin Tomczyk zich op als de meest veelbelovende kandidaat voor de titel binnen het Audi-team, aan het stuur van een één jaaroude wagen. Tomczyk en het Audi Sport team Phoenix maakten optimaal gebruik van het gewichtsvoordeel van de A4 met de 2008-specificatie tegenover de jongere modellen en pakte de kampioenstitel tijdens de voorlaatste race in Valencia. Tomczyk scoorde punten tijdens alle tien de races en stond acht keer op het podium.

Year-old car 2011

2012 : A5 DTM

In 2012, het debuutseizoen van de nieuwe Audi A5 DTM, ging de DTM van start met nieuwe technische voorschriften die baanbrekend waren op het vlak van veiligheid, rendabiliteit en aantrekkelijkheid van de raceauto's. In zijn eerste seizoen sleept Audi twee overwinningen in de wacht dankzij de Italiaans-Zwitserse piloot Edoardo Mortara, maar globaal genomen maakt Audi een moeilijk seizoen door.

A5 DTM 2012

2013 : RS 5 DTM

De technologie in de DTM-wagen werd in overeenstemming met de voorschriften ‘bevroren’ toen het doek viel over de laatste race van het seizoen 2012. Iedere mogelijke technische ontwikkeling was bijzonder beperkt. Daarom ging het Audi Sport DTM-team heel zorgvuldig na welke van de meer dan 4.000 onderdelen in de racetoerwagen, die pas was ontwikkeld voor het seizoen 2012, een verbeteringspotentieel kondeninhouden. De modelnaam Audi RS 5 DTM is nieuw. Daarmee verwees Audi in de DTM rechtstreeks naar de succesvolle productiemodellen van het merk. Acht Audi RS 5 DTM-wagens komen aan de start van het DTM-seizoen 2013. Ze worden ingezet door de drie beproefde Audi Sport-teams ABT Sportsline, Phoenix en Rosberg. Audi Sport liet ook niets aan het toeval over bij de keuze van de piloten: twee van de piloten zijn tweevoudige DTM-kampioenen, vijf hebben al DTM-races gewonnen, en alle acht hebben ze minstens één keer op het podium gestaan.

RS 5 DTM