Geschiedenis van de autorace Audi in de rallysport

De wedergeboorte van het merk Audi in 1965 en de fusie van Auto Union en NSU in 1969 bezorgen de autosport een nieuwe dimensie. In 1973 krijgen de coureurs de Audi 80 GT, een auto die bestemd is voor competitie.

Hoewel de toerwagens van Audi nog niet met een permanente vierwielaandrijving zijn uitgerust, bouwt het merk een reputatie op van vooruitstrevende autoconstructeur die alle uitdagingen aankan.

Het quattro-concept
Als de auto eenmaal is afgewerkt en een naam – quattro – heeft gekregen, is het volgende doel de auto snel op de autocircuits te krijgen. Deze ambitie is niet alleen sportief van aard: als het quattro-concept zo revolutionair is, zijn de klassieke strategieën ontoereikend om het product op efficiënte wijze te lanceren. De fundamentele aandrijvingsprincipes moeten zo snel mogelijk tegen elkaar worden uitgespeeld: quattro versus traditionele aandrijving. En welke omgeving is hiervoor beter geschikt dan de rally’s op het wereldkampioenschap?

Een nieuwe motorsportafdeling
Om te bepalen welke weg de Audi quattro in de competitie zal volgen, wordt in 1978 de Audi Sport-afdeling opgericht. In datzelfde jaar worden in de Rally van Duitsland de eerste proefritten met de Audi 80 uitgevoerd voor het wereldkampioenschap. In 1979 volgt de eerste rallyoverwinning voor een auto met het embleem van de vier ringen: de Audi 80 wint de Rally van Trifels. Tegelijkertijd zet Audi zijn eerste stappen in de internationale competitie. Harald Demuth en testrijder Freddy Kottulinsky boeken aanzienlijke successen met een auto met voorwielaandrijving.

Een nieuw tijdperk
De coureurs van het allereerste quattro-team zijn de Fin Hannu Mikkola en de Française Michèle Mouton. Hun debuut in de Rally van Monte Carlo in 1981 zorgt voor heel wat opschudding. Het is een van die momenten die de geschiedenis van de autosport bepalen. Na tien kilometer besneeuwde piste in de allereerste speciale etappe, haalt Mikkola een Lancia Stratos in die een minuut voor hem gestart was. Een nieuw tijdperk breekt aan.

Technische superioriteit
De rallyauto is een zorgvuldig ontwikkelde versie van de oorspronkelijke Ur-quattro. De 2144 cc-motor met vijf cilinders ontwikkelt een betrouwbaar vermogen van 340 pk (terwijl de standaardmotor er 200 ontwikkelt). In de versie die in 1981 in Monte Carlo wordt gebruikt, trekt de quattro op van 0 tot 100 km/u in 5,9 seconden op droge weg. Nog belangrijker: met de M + S-winterbanden en de kleine spikes die in racewedstrijden zijn toegelaten, zijn amper 8,3 seconden nodig om dezelfde acceleratie te behalen op verse sneeuw.

Michèle Mouton: eerste overwinning voor een vrouwelijke coureur
Een andere grote primeur speelt zich af in de herfst van 1981: Michèle Mouton wordt de eerste vrouwelijke coureur met een overwinning in een rally die voor het wereldkampioenschap in San Remo meetelt. De reacties variëren van opgetogen tot vernietigend ...
Enkele nostalgische macho's menen dat de zege "enkel te danken is aan de quattro", alsof ze willen zeggen dat "zelfs een vrouw" met dit technische concept kan winnen. Maar vele anderen zijn uiteraard erg onder de indruk van deze nieuwe, "moderne" situatie.

Het decennium van de rally's
De jaren 80 zijn die van de rallywedstrijden. Nooit eerder had de rallysport aangetoond hoe efficiënt ze technische innovaties kon promoten. Waar het nu om gaat, is niet dat een idee in de praktijk wordt omgezet, maar dat het van de daken wordt geschreeuwd. Op technisch vlak ligt Audi op dat moment minstens twee jaar voor op zijn concurrenten, die allemaal het seizoen van 1982 aanvatten met klassieke auto's met tweewielaandrijving. Audi wint het wereldkampioenschap, met Michèle Mouton die net naast de coureurstitel grijpt in de allerlaatste manche. Vanaf 1983 vertegenwoordigt slechts één categorie de rallycompetitie op hoog niveau: groep B, die een aanzienlijke technische vrijheid biedt. Alles is gericht op een echte krachtmeting tussen de uitvinders van de voertuigen met vierwielaandrijving en hun meest ambitieuze imitatoren.

Walter Röhrl tekent
In 1984 engageren de Beierse winnaars van het wereldkampioenschap een Beierse coureur van wereldklasse: het is het jaar dat Walter Röhrl gaat samenwerken met Audi. Mikkola, Mouton en de Zweed Stig Blomqvist vervolledigen het team. Op zijn directe, intuïtieve manier slaagt Röhrl erin om de status van rallywedstrijden te verheffen door zorgvuldig met de media om te gaan: in plaats van terug te vallen op demagogie profileert hij zichzelf als een ambassadeur van zijn sport, die het publiek enthousiast krijgt voor de sensatie die deze sport teweegbrengt. Röhrl is in staat om één te worden met zijn voertuig door te balanceren op de fysieke grenzen van de autobeheersing.

Het quattro-idee vestigt een nieuwe standaard
Het quattro-idee wordt inmiddels wereldwijd ingevoerd en gekopieerd. Al die nieuwe concurrenten proberen een stap voor te zijn met nieuwe ontwerpen. De enige manier om dat te doen, is door een voortreffelijke raceauto te bouwen en die vervolgens te bekleden met een carrosserie die vrijwel standaard is. Dat was uiteraard volkomen toegestaan volgens het reglement van Groep B. Audi vindt van zijn kant dat het enkel zin heeft om aan de rally's deel te nemen als de basiskenmerken van het standaardmodel behouden blijven.

De "korte" quattro op het autosalon van Frankfurt
Een versie met brede sporen, 24 centimeter korter dan de oorspronkelijke Ur-quattro, wordt voorgesteld als de Sport quattro op het autosalon van Frankfurt in 1983. Met zijn vermogen van 306 pk is het op dat moment de krachtigste toerwagen die ooit door een Duitse autoconstructeur gebouwd werd. De rallyversie van deze auto met vier kleppen per cilinder ontwikkelt vanaf de start een vermogen van 450 pk en is goed in staat om zijn positie te behouden in een sector die bol staat van de innovaties. Het hoogtepunt van deze periode van rallycompetities is de overwinning van het duo Walter Röhrl/Christian Geistdörfer in de rally van San Remo in 1985.

De veiligheid van het publiek
De rallysport in zijn geheel kent zoveel succes dat de bezorgdheid over de veiligheid toeneemt. Hoewel de honderdduizenden toeschouwers op een speciale etappe over tientallen kilometers verspreid zijn, vormen degenen die zich op dergelijke evenementen verzamelen vaak meerdere rijen. Hoewel toeschouwers op evenementen als de Thousand Lakes-rally in Finland of de Britse RAC-rally zich enigszins kunnen beheersen, is het in de Latijnse landen een pak moeilijker om de situatie onder controle te houden.

Terugtrekking uit de rally's
Het Audi-team is niet betrokken bij het ernstige ongeval dat zich voordeed tijdens de Rally van Portugal in 1986, maar zijn professionele coureurs trekken er de enige juiste conclusie uit: zich terugtrekken uit de rallysport. Terug in Ingolstadt wordt deze beslissing opgenomen in het algemene bedrijfsbeleid. Audi trekt zich onmiddellijk terug uit de rallywereld.

Lijst met successen
Zo komt er een einde aan de eerste zes quattro-jaren. Michèle Mouton, Hannu Mikkola, Stig Blomqvist en Walter Röhrl hebben in totaal 23 manches van het wereldkampioenschap gewonnen en vier titels van het wereldkampioenschap in Ingolstadt behaald. Dit tijdperk vormt een van de zeldzame voorbeelden van hoe onvervalste technologische superioriteit via de autosport kan worden gepromoot: quattro, de triomf van een idee.