Geschiedenis van de autoraceToerwagenraces en Le Mans

Na zijn terugtrekking uit de rallysport stapt Audi over naar circuitraces. In 1988 neemt de Audi 200 deel aan het Amerikaanse TransAm-kampioenschap. Na tien races is de kampioenstitel definitief in handen van Audi.

Toerwagens

Audi neemt in 1989 voor de eerste keer deel aan de IMSA-GTO-kampioenschappen. De Audi 90 IMSA quattro ontwikkelt een indrukwekkend vermogen van 720 pk. Met zeven overwinningen, waarvan vijf op de twee eerste plaatsen, bemachtigt Audi de tweede positie aan het einde van de races. Stuck en Audi slagen er helaas niet in om de titel te veroveren omdat ze verstek laten gaan voor de langeafstandsraces van Sebring en Daytona.

Onmiddellijk succes in de DTM
In 1990 neemt Audi met de V8 quattro deel aan de DTM-races op eigen bodem. De V8 quattro, die oorspronkelijk niet als racemodel is ontworpen, wordt genadeloos "chauffeurswagen" genoemd. In de spannende reeks races, die die hun hoogtepunt bereiken in een spectaculaire finale op de Hockenheimring, wint Hans-Joachim Stuck de DTM-titel. Vier Audi V8-auto's, bestuurd door Stuck, Biela, Jelinski en Haupt, staan aan de startplaats wanneer het volgende seizoen begint. Biela wint de twee laatste manches en bezorgt Audi de kampioenstitel, Zo wordt het merk de eerste autoconstructeur uit de geschiedenis van de DTM die zijn titel met succes verdedigt.

Audi wint de Supertourisme-titel
In 1993 neemt Audi deel aan races in Frankrijk, een van zijn belangrijkste exportmarkten. Aan het stuur van een Audi 80 quattro van 272 pk neemt Frank Biela deel aan het Franse Supertourisme-kampioenschap en wint hij de kampioenstitel aan het einde van het seizoen. In de D1 ADAC toerwagencup, die voor de eerste keer in 1994 wordt gehouden, racet Audi opnieuw voor Duitse fans, deze keer met de Audi 80 Competition.

Zeven nationale kampioenstitels
In het seizoen van 1996 staat Audi aan de startlijn op Duitse en Italiaanse kampioenschappen, maar ook op het Britse Touring Car- kampioenschap. Met de steun van plaatselijke importeurs neemt de Audi A4 Supertouring ook deel aan de toerwagenkampioenschappen in België, Spanje, Australië en Zuid-Afrika. Met een overweldigend succes: Audi sleept in zeven landen de nationale titel in de wacht.

Audi TT-R in de DTM
De ITR-organisator staat het ABT Sportsline-team toe om de Audi TT te gebruiken als basisauto voor het DTM-kampioenschap, een race die in 2000 nieuw leven ingeblazen wordt. Het wordt een kennismakingsjaar voor het team, dat slechts 19 magere punten behaalt in het eindklassement. Voor 2001 zijn de regels licht gewijzigd en ABT Sportsline eindigt het seizoen op de tweede plaats. Laurent Aiello wint de kampioenstitel in 2002, maar het is hoog tijd dat de carrière van de Audi TT-R wordt stopgezet. In de herfst van 2003 beslist Audi om weer deel te nemen aan de DTM met een fabrieksteam.

Het Audi-team wint de DTM
Met de nieuwe A4 DTM wint Audi het coureurskampioenschap en het constructeurskampioenschap. Mattias Ekström eindigt als tweede in het coureursklassement van 2005. Tom Christensen haalt in 2006 het podium met een derde plaats voor het hele seizoen. Het seizoen daarop komt Mattias Ekström aan de leiding van het coureursklassement, terwijl Martin Tomczyk de derde plaats inneemt. Het Audi Sport ABT Sportsline-team staat eerste in het teamklassement en laat de concurrentie ver achter zich. De titel wordt verdedigd in 2008, met een overwinning voor Timo Scheider en een derde plaats voor Mattias Ekström. In het teamklassement behaalt Audi de tweede, derde, vijfde en zevende plaats. Dan is er de eerste hattrick uit de geschiedenis van het DTM-kampioenschap: in 2009 behoudt Timo Scheider zijn titel van het jaar daarvoor.

Le Mans

De 24 uren van Le Mans
Voor zijn eerste deelname aan de 24 uren van Le Mans ontwikkelt Audi in 1997-1998 een volledig nieuwe raceauto. Die is uitgerust met een V8-biturbobenzinemotor van 3600 CC, die 450 kW (610 pk) ontwikkelt bij 6300 omw/min. De motor wordt onder toezicht van Ulrich Baretzky ontworpen in Neckarsulm, het chassis wordt gebouwd in Ingolstadt en de eenpersoonscarrosserie van koolstofvezel komt uit Italië. Audi neemt de eerste keer deel aan de race van 13 juni 1999 en behaalt de derde en de vierde plaats.

Zeges in Sebring en Le Mans
Op de langeafstandsraces in Sebring (Verenigde Staten) in 2000 eindigen de Audi R8’s op de eerste en tweede plaats. Daarna is Le Mans weer aan de beurt. Op 18 juni 2000 behaalt Audi de drie eerste plaatsen op de 24 uren. In het volgende seizoen worden de turboachtcilindermotoren vervangen door benzinemotoren met directe inspuiting. Deze Audi R8 behaalt de vier eerste plaatsen in Sebring, en in Le Mans plaatsen de R8’s zich op de eerste en tweede plaats na een race die gereden wordt in de stortregen.

Audi R8: zegevierend tot aan het einde
In 2002 overtreft Audi’s perfectie opnieuw alle concurrenten: in Le Mans behaalt Audi een driedubbele zege door de drie eerste plaatsen in de wacht te slepen. Na deze hattrick gaat de Le Mans-trofee voorgoed naar Audi. Er zijn geen nieuwe auto’s in 2003 en 2004, maar Audi steunt de privéteams die met de R8 van het jaar ervoor aan de start staan. 2005 is het laatste racejaar voor de R8: in Le Mans wint het model de eerste, derde en vierde plaats.

Een ononderbroken reeks overwinningen, ongeëvenaard door elke andere constructeur
De R10 TDI, die Audi voor de 24 uren van Le Mans bouwt, staat gelijk aan een krachtig koppel en een buitengewone efficiëntie. Vandaag zijn de TDI-motoren sportief, soepel en zuinig, maar de Audi R10 TDI was uitgerust met een dieselmotor! Het is de eerste keer dat dit type auto’s deelnemen aan een race. Wanneer ze op 18 juni op de eerste en derde plaats eindigen, breekt een nieuw hoofdstuk uit de geschiedenis van de autosport aan. In 2007 neemt Audi met drie auto’s deel aan de 24 uren van Le Mans - die zijn 75e editie op het klassieke circuit viert - en behaalt in 2008 opnieuw de zege met de Audi R10 TDI met twaalf cilinders. Na 381 rondes op het circuit wint deze auto de race met 4,31 minuten voorsprong en bezorgt Audi zijn achtste overwinning in Le Mans. De race van 2009 was een van de spannendste en snelste uit de geschiedenis van Le Mans. De R15 TDI met tien cilinders behaalt de derde plaats. Als de acht zeges op de 24 uren van Le Mans sinds 2000 worden meegerekend, stond Audi niet minder dan elf keer op het podium.